Processen

In 1984 en 1985 werden naast het gemeentehuis van Bever heksenprocessen opgericht.  Na de vertoning werd de gevangen heks in een kooi weggevoerd naar de plaats van verbranding.  Daar werd ze gewurgd en verbrand na bekend te hebben een heks te zijn.  Dit werd gevolgd door een volksfeest.

In 1995 werd er opnieuw een heksenproces opgericht in het gehucht Pontembeek.  Dit werd  een totaal openluchtspektakel ,”De Brandstapel” genoemd en verspreid over drie dagen met ongeveer een honderdtal deelnemers en figuranten die dit opvoerden voor telkens een welgevulde tribune.

De “BRANDSTAPEL” – 1995

voorpaginaProces

HEKSENPROCES IN BEVER ANNO 1995

door Michel MATTHIJS.

Hoewel niet altijd, zijn het meestal vrouwspersonen die volgens het voorheen sterk verspreide volksgeloof een verbond hadden gesloten met boze machten. En wie was er in dit geval machtiger dan de duivel zelf?  Hij was immers als geen andere in staat zijn bovennatuurlijke krachten over te dragen op menselijke wezens, die ze op hun beurt konden gebruiken om medemensen en dieren zoveel mogelijk schade en kwaad te berokkenen.

Het geloof in heksen komt voor over de gehele wereld en in alle tijden.  Hetzelfde geloof bestaat ook in alle wereldgodsdiensten.  In het christelijk volksgeloof staan de heks en haar meester, Satan, centraal.  Hieruit ontstonden allerlei fantastische voorstellingen.  Zo zouden heksen intieme contacten onderhouden met de duivel, ‘s nachts op bezemstelen door de lucht vliegen en op afgesproken tijden hun heksensabbat vieren.

Hekserij is een begrip dat voortkomt uit de cultuurtaal.  Een mannelijk exemplaar heet onveranderd tovenaar; een vrouwelijk exemplaar is een heks of toverheks.  Betoveren in de volkstaal staat zowat altijd voor beheksen.  Toverij is in de meeste gevallen synoniem van hekserij en hekserij wordt altijd in verband gebracht met het aanzetten of toebrengen van schade, het leggen van de kwade hand (1).

In Europa bestond vooral tussen 1500 en 1700 een bewust geloof in heksen en hekserij en gelijklopend daarmee een verschrikkelijke wijze van vervolging in de vorm van heksenprocessen.  Volgens sommige schattingen zouden ze een miljoen mensenlevens hebben gekost.  Andere vinden dit aantal overdreven.  Vooral in West-en Midden-Europa heeft het bijgeloof aanleiding gegeven tot georganiseerde heksenvervolging.  Men neemt aan dat de eigenlijke heksenjacht begon met de Heksenhamer in 1487 van twee Duitse inquisiteurs, een handboek waarin aanwijzingen werden gegeven voor de heksenprocessen.

De heksenjacht op grote schaal in West-Europa situeert zich tussen 1560 en 1650.  Drie factoren hebben hierbij ongetwijfeld een doorslaggevende rol gespeeld;

1° de versnelde sociale polarisatie, die hevige spanningen binnen de dorpsgemeenschappen veroorzaakte,

2° de systematische campagne van de katholieke en de protestantse hervormers om de rurale bevolking effectief te christianise­ren

3° de geleidelijke versterking van de politieke machtsstructuren, gepaard gaande met de uitbouw van dominantiemechanismen gericht op een centralisatie van de besluitvorming en de oplegging van een nieuw ideologisch model (2).

Slachtoffer van deze totaal waanzinnige heksenhistorie was meestal een of andere oude vrouw, dikwijls alleenstaand (ongehuwd of weduwe), en afgesloten en uitgestoten van de samenleving.

 

Ook te Bever werden twee vrouwen, de echtgenotes van Liénard del val en Bastien Catier, van hekserij beschuldigd, gewurgd en daarna verbrand.  Dit gebeurde in 1594 en in 1595.  D. Delvin vermeldt de feiten in zijn Histoire de la commune de Biévène (3) maar voegt er bij dat hij de proceduredossiers niet heeft kunnen terugvinden.  Bijgevolg is het onmogelijk om de veroordelingsfeiten vast te stellen.  De terechtstellingen zijn wel degelijk uitgevoerd … “Du trespas de la femme Liénard del Val, exécutée par le feu, a esté levé une vache, et demorée à Nicolas le Leup, pour  XVIII livres tournois “.   “Du trespas de la femme Bastien Catier aussy exécutée pour sortilège, a esté levé une vache, et demorée à Jaspar de Nestinne pour XV liv. tournois. “.

Om deze gebeurtenissen levendig te houden voerden de “Makrallen”, een folkloristische heksenvereniging uit Bever, gesticht in 1977, op 25, 26 en 27 augustus 1995 voor de derde keer een heksenproces op.

De eerste twee vonden plaats in 1984 en in 1985.

De drie puike opvoeringen van dit spektakel in toneelvorm “DE BRANDSTAPEL”, kenden een buitengewoon succes.

Gesproken en geschreven pers zwaaiden de uitvoerders verdiende lof toe.  Auteur en regisseur Alexis Deville heeft jammer genoeg de opvoering van zijn toneelwerk, een herwerking van het bestaande stuk niet meer mogen beleven.

Germain Derijcke nam de regisseurstoel over.  Het anderhalf uur durend klank- en lichtspel, ten tonele gebracht door meer dan honderd medewerkers, werd een overweldigend succes.  Wij zien het als een postuum eerbetoon aan twee onschuldige slachtoffers van heksenwaan.  In dit schokkend en aangrijpend openlucht­spektakel hoorden de toeschouwers hoe de heraut de dorpenaren de schuld van de terechtstelling toeschoof.  En zoals het zo vaak gebeurde was het niet de veroordeling door de baljuw maar waren het de lastertaal en de leugens van de buren en de omwonenden die de vermeende heks, echtgenote Catier, naar de brandstapel hebben gebracht.  Zij stond symbool voor de lotgevallen van ontelbare slachtoffers en dus zeker ook voor die van haar medeburger, echtgenote del Val.

Ter gelegenheid van deze opvoeringen werd door de organisatoren een fraaie programmabrochure gedrukt met een historisch overzicht, de inhoud van het stuk, een woordje over de auteur en de regisseur, de historiek van de Makrallen – les Macralles, het verloop van het openluchttoneel, de namen van alle medewerkers, alsook een summiere voorstelling van de gemeente Bever.

We geven hier onder de integrale openingstekst van de heraut waarmee de opvoering aanving.  Inhoudelijk is dit de weergave van de sfeer en de geest, de aanleiding tot terechtstelling van duizenden en nog eens duizenden onschuldige mannen, vrouwen en kinderen.

Zo ook te Bever 400 jaar geleden, in 1594 en 1595.   0f hoe onverdraagzaamheid, menselijk falen en dwaling kunnen ontaarden in een monsterproces waarbij dikwijls bij wijze van spreken het hele dorp voor de rechtbank werd gedaagd, mensen werden gefolterd en argeloze families in een onmenselijk en onnoemelijk verdriet werden gestort, gebrandmerkt voor het leven.

Maar heksen en heksenhandelingen brachten, naar men meende, taferelen tot stand die in alle opzichten leidden naar een collectieve omkering van het christelijk geloof, die de ontkenning van alle christelijke waarden en een absolute geloofsafval tot gevolg hadden.

De rechters uit de 16de en 17de eeuw geloofden dat dit alles een gevaar betekende voor de kerk, het chtistendom en de gemeenschap.  En aldus hebben ze ook gehandeld (4).

FigurantenProces